Netcongestie beperkt de ruimte om te bouwen en uit te breiden. Door energiezekerheid vanaf de eerste ontwerpfase mee te nemen, worden gebouwen en campussen minder afhankelijk van de beschikbare netcapaciteit en worden meer projecten gerealiseerd.
Netcongestie verandert de spelregels voor nieuwbouw en uitbreiding. Waar voldoende elektrisch vermogen lange tijd vanzelfsprekend was, kan extra netcapaciteit nu jaren op zich laten wachten. Voor gebouweigenaren en ontwikkelaars is wachten vaak geen optie: nieuwe locaties en extra productiecapaciteit maken groei mogelijk, terwijl kritische processen afhankelijk zijn van een betrouwbare energievoorziening.
Energiezekerheid draait dus niet alleen om beschikbare netcapaciteit. Voor kritische processen is ook redundantie essentieel: hoeveel zekerheid is er nodig als de reguliere energievoorziening uitvalt? Tegelijkertijd groeit de behoefte om dit fossielvrij en met minder afhankelijkheid van brandstoffen te organiseren. De oplossing ligt daarom niet in een terugkeer naar fossiele noodvoorzieningen, maar in het ontwerpen van een energievoorziening die betrouwbaar en toekomstbestendig is.
Op het landelijke elektriciteitsnet heeft een ontwikkelaar weinig invloed. Binnen een eigen gebouw of campus is er veel meer mogelijk. Zo kan energie lokaal worden opgewekt, opgeslagen en slim worden ingezet. Daarmee wordt energiezekerheid een ontwerpkeuze. Door een lagere energievraag, lokale opwekking, opslag en slimme sturing vanaf de eerste ontwerpfase te combineren, ontstaat er meer grip op de energievoorziening. Deerns combineert hierbij diepgaande technische kennis van MEP-installaties, bouwfysica, energie en energiemanagementsystemen (EMS) met kennis van de processen van de klant, voor een integraal energieconcept.
Het energieverbruik reduceren
Naast lokale opwekking en opslag is het verlagen van het energieverbruik minstens net zo belangrijk. Iedere kilowattuur die niet nodig is, hoeft ook niet te worden opgewekt of opgeslagen.
Er zijn grofweg 3 manieren om het energieverbruik te reduceren:
- Het gebouw: de gebouwschil, oriëntatie en isolatiewaarden bepalen voor een belangrijk deel de basisvraag;
- De gebouwinstallaties: ventilatie, koeling en verwarming zo energie-efficiënt mogelijk ontwerpen;
- De gebruikersapparatuur: van keukenapparatuur in kantoren tot productie-installaties in de farmaceutische industrie.
Deze laatste categorie krijgt steeds meer gewicht. Dit vraagt om samenwerking met gebruikers en leveranciers om de processen in kaart te brengen en kansen te identificeren.
Energie lokaal opwekken en opslaan
Lokale energieopwekking maakt een gebouw of campus minder afhankelijk van de capaciteit die op dat moment vanuit het net beschikbaar is.
Afhankelijk van de locatie en energievraag zijn er verschillende bronnen mogelijk:
- Zonnepanelen: geïntegreerd in, op of naast het gebouw en vaak de meest voor de hand liggende vorm van lokale opwekking;
- Generatoren op biogas: als aanvulling op zonne-energie;
- Waterstof: een toekomstscenario waarbij overtollige duurzame energie wordt omgezet, opgeslagen en later opnieuw gebruikt.
Bovendien maken batterijen het mogelijk om energie op te slaan en het gebruik te verschuiven naar momenten waarop meer netcapaciteit beschikbaar is. Dit wordt relevanter nu er contractvormen ontstaan waarbij niet op ieder moment dezelfde hoeveelheid stroom kan worden afgenomen.
Ook flexibiliteit speelt een belangrijke rol. Modulaire en verplaatsbare systemen bieden tijdelijk extra capaciteit en kunnen later worden verplaatst of aangepast. Zo blijft de energievoorziening meebewegen met veranderende omstandigheden.
Meten als basis voor slimme sturing
Om energie slimmer in te zetten, heb je eerst inzicht nodig in waar en wanneer deze wordt verbruikt. Monitoring maakt zichtbaar wanneer capaciteit beschikbaar is, waar pieken ontstaan en welk verbruik kan worden verschoven. Op basis daarvan kan een energiemanagementsysteem (EMS) gericht sturen op opwekking, opslag en afname.
Door het groeiende aantal meetpunten neemt ook de hoeveelheid data toe. Automatisering en AI kunnen helpen om deze data sneller te analyseren en systemen efficiënter aan te sturen. Technische kennis blijft daarbij essentieel: de data moeten juist worden geïnterpreteerd en optimalisatie mag bijvoorbeeld nooit ten koste gaan van de veiligheid van gebruikers of de continuïteit van kritische processen.
Energiezekerheid in de praktijk: Defensie
Voor het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) onderzocht Deerns hoe energiezekerheid fossielvrij kan worden georganiseerd voor verschillende typen defensielocaties. Daarbij speelde naast beschikbare capaciteit ook redundantie, ruimte en modulariteit een belangrijke rol.
Op binnenstedelijke locaties is ruimte schaars. Daar wordt de oplossing gezocht in een compact energieconcept waarin een lage energievraag, zonnepanelen, lokale opwekking en slimme sturing samenkomen. Buitenstedelijke locaties en campussen bieden meer ruimte. Daar kan energie op gebiedsniveau worden georganiseerd, bijvoorbeeld via een flexibel middenspanningsnet waarop meerdere gebouwen, batterijsystemen en centraal opgestelde zonnevelden worden aangesloten.
Ook maakt deze extra ruimte andere vormen van energieopslag mogelijk. Zo kunnen alternatieven voor lithiumbatterijen interessant zijn wanneer vooral langdurige opslag centraal staat. Deze energieconcepten worden meegenomen in de verdere ontwikkeling bij het RVB.
Investeren met oog voor de volledige levensduur
Uit dit soort praktijkvoorbeelden blijkt dat de laagste investering aan de voorkant niet automatisch de meest voordelige keuze is op de lange termijn. Systemen met een hogere initiële investering, zoals all-electric installaties, zonnepanelen en batterijen, kunnen zich tijdens de exploitatie juist uitbetalen in lagere energie- en onderhoudskosten.
Deerns maakt deze afweging inzichtelijk met een analyse van de levenscycluskosten. Hierbij worden investeringen, energiegebruik en onderhoud over bijvoorbeeld 10, 20 of 30 jaar tegen elkaar afgewogen. Zo stelt Deerns opdrachtgevers in staat om aan de voorkant goed onderbouwde beslissingen te nemen.
Ontwerpen voor de energieopgave van morgen
Toekomstbestendige energieconcepten vragen om een vooruitziende blik. Door technologische ontwikkelingen, veranderende wetgeving en marktontwikkelingen vanaf de eerste ontwerpfase mee te nemen, maakt Deerns inzichtelijk welke oplossingen ook op langere termijn relevant blijven. Zo ontstaat er een energieconcept dat kan meebewegen met veranderende omstandigheden en toekomstige behoeften.











































